Vandaag was de dag van de twintig weken echo. Sommige ouders kijken daar reikhalzend naar uit, maar ik vind het altijd een beetje spannend. Per slot van rekening is het nog altijd een medische echo. Maar één voordeel heeft ‘t wel: als je wilt kun je horen of het een jongen of meisje wordt. En ja, dat wilde ik én mijn vriend héél graag weten.
Eerst het medische deel
Maar niet voordat ik en en mijn vriend eerst wisten of het met de baby goed ging. Dat begreep de echoscopist uitermate goed ( zij had ook de nekplooimeting bij veertien weken gedaan). Keurig begon ze bij ‘t hoofd en daalde zo langzaam af naar beneden. Gelukkig waren d’r geen afwijkingen, was alles lekker gemiddeld en ‘deed de baby het hartstikke goed.’
Jongen of een meisje?
‘Willen jullie ook weten wat het wordt?’ vroeg ze nog. ‘Jaha’, riepen mijn vriend en ik in koor. Vooral omdat ik zelf vreselijk nieuwsgierig ben en je meteen rekening kunt houden met de babynamen én de kleuren van de babykamer.
Misschien veel te praktisch, maar wel heel handig.
Daarbij had ik geen idee. Tijdens mijn vorige zwangerschap dacht ik nog dat ik in verwachting was van een jongen, terwijl er toch echt een stront eigenwijze meid uit kwam rollen. In tegenstelling tot vorige keer waren er nu veel meer mensen van mening dat het een jongen zou worden.
Inclusief mijn eigen vader die ‘t stiekem bijna altijd goed heeft. ‘Maar als het een jongen wordt, dan moet je wel de kinderkamer ( mijn dochter heeft bij mijn ouders een eigen kamer. Zij krijgt straks een andere, de baby krijgt deze) opnieuw behangen’, dreigde mijn moeder toen. Prinsessenbehang is namelijk niet het eerste waar je aan denkt bij een jongenskamer.
Je begrijpt: mijn vader zag de bui al hangen.
‘Het wordt een meid’
Anyway, terug naar die echo. De echoscopiste zoemde met het apparaat lekker in. ‘En ja, daar zagen we het. Het wordt een meid!’ riep ze. ‘Wat leuk!’ riep ik. ‘Dan hoeft mijn vader niet de kamer opnieuw te behangen!’ De echoscopiste moest lachen. Mijn vriend was er even stil van. ‘Welkom in het kippenhok!’ riep ik grappend tegen ‘m. ‘Nou, volgens mij kan hij dat kippenhok prima aan’, deed de echoscopist nog een duit in het zakje.
Dat kan mijn vriend trouwens ook prima. ‘Zou deze meid mij straks ook gebruiken als klimpaal?’ grapte hij. Eh ja, dat verwacht ik wel. Meiden gebruiken hun vader namelijk graag als speelgoedtoestel. Jammer voor de vader, maar helaas een waarheid als een koe.
Hallo kippenhok
En ik? Ik was alleen maar blij. Vooral blij omdat de baby gezond leek en ook bleek omdat het een meisje was. En natuurlijk, een jongen was ook prima geweest, echt waar. Maar nog een meisje erbij? Hoe gezellig is dat. Maar dat het een kippenhok wordt, dat staat buiten kijf. Weliswaar een vrolijk kakelend kippenhok, maar nog steeds een kippenhok.
‘Misschien moeten we nog een tweede dikke kater erbij kopen voor mij,’ riep mijn vriend. ‘Gewoon voor de nodige mannelijke tegenwicht.’
Maar ik denk dat mijn vriend en de huidige dikke kater zich met gemak staande houden in dat kippenhok. Al krijgen ze het soms wel heel zwaar. Hoewel, mijn vader zal nu het tegenoverstelde zeggen. Die heeft waarschijnlijk prinsessenbehang nog nooit zo leuk gevonden.
Afbeelding: keepcalm-o-matic




Wat leuk!!! Gefeliciteerd 🙂
Dank je wel! Ben er heel blij mee!
Zoooo Daan gefeliciteerd….
En Richard….tja als het zo een kippenhok word als bij ons vroeger….maar jongen gefeliciteerd…Kippen zijn ontzettend leuk en spits….
Liefs van ons… Oom Fokke en tante Janny.
Dat dan weer wel hè? 😉 Dank je wel!