Afgelopen weekend was ik volgens de planning 36 weken zwanger en dat betekent dat ik vanaf nu – voor mij zelf dan – kan aftellen. Nog een paar weken te gaan en dan is de baby d’r. Toch fijn, want die bierkrat op mijn buik? Ik kan straks wel weer zonder.
Een leven zonder bierkrat op de buik
En nee, ik heb niet eens zo’n grote buik. Dat is het grote voordeel als je 1.86 bent: er is veel ruimte. Maar toch, die dikke buik zit wel lekker te drukken op mijn toch niet al te beste longen. En slapen – en vooral jezelf omdraaien in bed – is toch een stuk makkelijker in een bed zonder een dikke buik. En een leven zonder een zeurende onderrug ( de baby begint nu lekker te drukken op ‘t bekken en de rug) zou ook weer fijn zijn. En straks een sprintje trekken zonder volledig buiten adem te zijn, lijkt mij heerlijk.
Al levert het ook weer grappige situaties op.
Sprintje trekken
Zo was ik afgelopen weekend even in Amsterdam voor een bezoek aan mijn kapper. Nadat ik klaar was zag ik de bus naar het station met een rotgang aankomen. En aangezien ik geen zin had om het ding te missen en weer twintig minuten te wachten, besloot ik – laten we het maar op een onverwachte reflex houden – een sprintje te trekken.
Geen verstandig idee.
‘Adem in adem uit’
Weliswaar haalde ik de bus ( ‘jee, ik kon het nog steeds’), maar zwaar buiten adem leunde ik tegen de deur aan. ‘Adem in adem uit’, zei de buschauffeur lachend. ‘Je bent binnen.’ Dat was ik inderdaad. ‘Klopt’, maar ik heb in tijden niet een sprint getrokken’, zei ik nog. De buschauffeur keek mij nu verbaasd aan ( ik zie er niet uit alsof ik 36 weken zwanger ben). ‘Ik ben 36 weken zwanger’, legde ik uit. ‘Dus ik hou niet meer zo van hard lopen.’
De buschauffeur barstte in lachen uit en wees mij naar een plek die ‘t dichtst bij hem in de buurt was. ‘Nou kind, gefeliciteerd.’En vervolgens kreeg ik alles te horen over zijn dochter die werkte als lerares op een basisschool op de Herengracht (‘en daar geven ze die kinderen toch een partij lélijke namen!’), hoe dat nou beviel als je jaren in Amsterdam had gewoond en nu woonde in de provincie ( ‘Ik woon in Koog aan de Zaan. Als ik daar op vrijdag een mop vertel, beginnen ze op maandag pas te lachen’) en over jarig zijn tijdens kerst.
Het was – kortom – een gesprek dat ik weer niet had gevoerd als ik niet buiten adem was geweest door die dikke buik en mijn slechte longen.
Aftellen
Toen ik de bus verliet, wenste de buschauffeur mij veel geluk en succes. ‘Je kunt nu aftellen!’ En daar had-ie gelijk in. Iedere week is er nu echt eentje minder. Al zal ik vast geduld moeten hebben tot de tweede week van februari. Per slot van rekening kwam mijn oudste ook zeker een week te laat. Maar dat mag de pret niet drukken. Ik kan het overzien.
Alleen dat sprintje trekken? Dat doe ik nu definitief niet meer. Mijn onderrug is nu nóg aan het protesteren. Hopelijk heeft-ie het protest opgegeven tegen de tijd dat de baby eruit komt.
Afbeelding: Keepcalm




Haha zo maak je wat mee. Succes met de laatste loodjes! Zonder bierkrat op je buik is alles inderdaad weer een stuk makkelijker 🙂
Dank je! Jij mag inderdaad ook nu lekker ‘dikkebuikloos’ door ‘t leven! Gaat ‘t goed met de kleine man?