Nu ik bijna achttien weken zwanger ben, ben ik al voorzichtig aan ‘t nadenken over kindernamen. Maar het gekke is, tijdens mijn eerste zwangerschap wist ik precies welke meisjes- en jongensnamen ik wilde. Maar met de tweede ligt het toch iets moeilijker.
Lekker praktisch
En natuurlijk beslis ik niet in mijn eentje. Ook mijn vriend heeft een gelijk aandeel in de besluitvorming. Maar mijn vriend – die altijd lekker praktisch is – denkt pas na over namen ná de twintig weken echo. ‘Dan weet je of het een jongen of een meisje wordt. En als het een meisje wordt, hoef je niet na te denken over jongensnamen en omgekeerd’, was zijn oordeel.
Daarna is mijn vriend overigens al even praktisch. Hij pakt een namenboek, kiest alle namen die ‘m aanspreken en zet ze op een lijst. Even mijn namen toevoegen en daarna kan het afstrepen beginnen. Ook voor mij, want ik heb die namen natuurlijk al lang klaar. Man, ik heb die lijst al klaar sinds 1996.
Toen hield ik al zo’n namenlijst bij. Ja, zo sneu ben ik.
Hysterisch vanwege het kiezen van een naam
Tijdens de eerste zwangerschap hadden we dan ook een lange lijst aan meisjesnamen. Mijn vriend stelde voor om telkens twee namen weg te strepen. Maar dat zorgde bij mij voor een hormonale huilbui die zijn weerga niet kende. ‘Maar dan duurt het zo la-ha-ha-hang’, snikte ik. Vooral omdat ik wist welke voornaam ik al wilde. Mijn vriend barstte toen in lachen uit. ‘Huil je nu echt om de námen?’
Ja dus.
Maar omdat ook mijn vriend al snel wist dat je vooral moet ‘meebewegen’ met zwangere vrouwen, hadden we de namen binnen een weekend afgestemd. Sterker nog, de tweede naam van mijn dochter was een naam die nog nooit op mijn lijst was voorgekomen en bedacht was door mijn vriend.
Maar nu staat nog niets vast …
Dat kan nu ook. Maar niets staat nu nog vast. Niet de voornamen, niet de tweede namen … Nada, noppes, niets. Gelukkig heb ik nog wel de lijst van namen van de vorige keer bewaard. Wie weet valt het mee. Vooral als ik mij het adagium van een vriendin herinner die ooit zei ‘dat ze vooral een naam moesten hebben waarmee ze konden solliciteren.’
Initialen
Een prima advies, als je het mij vraagt. Voor je het weet wordt je als kind met deze namen opgezadeld. Maar goed, daarmee ben je er als ouder nog niet. Het is ook handig om te kijken naar de initialen van de namen. Zo begint de achternaam van mijn kinderen met een B. Dan is is het niet erg leuk – gewoon een voorbeeld – je dochter Nicole Simone te noemen.
N.S.B. Ik kan leukere afkortingen bedenken.
En dan is het ook niet handig om de officiële naam – net zoals mijn eerste dochter – weer met een L te laten beginnen. Ook voor de aanduiding op officiële documenten. Dan krijg je straks de situatie dat de één de post van de ander openscheurt. Ook niet fijn.
Wel of niet vernoemen?
Daarbij zit ik ook nog met ‘t vraagstuk of we wel of niet gaan vernoemen. Mijn dochter is vernoemd naar mijn moeder en schoonmoeder. Prachtig, niets meer aan doen. Maar hoe zit het met die volgende? Zal ik mijn vader dan ook vernoemen? Geen probleem als het een jongen, maar als het een meisje is – wat dan?
Dé SVB lijst
De meeste meisjesnamen die beginnen met een J – vind ik dan – zijn geen klap aan. En de enige naam die ik wel bijzonder mooi vind, staat al jarenlang bovenaan de lijst van de populairste Nederlandse namen.
Aan de andere kant, daar kunnen we ook gewoon maling aan hebben. Net zoals een vriendin die haar dochter ook gewoon Emma noemde. Ook al is die naam ont-zet-tend populair. ‘Ik vind het al jarenlang de mooiste naam voor een meisje’, zei ze. En dus trok ze zich niets aan van die lijst. En gelijk had ze trouwens.
En nu?
Maar hé, misschien is er straks na de twintig weken echo zoveel duidelijkheid dat we in één weekend, pats boem, de namen hebben. Dat zou zomaar kunnen. En anders? Dan wordt het nog veel namen afstrepen. Hopelijk krijg ik niet voor zo’n hormonale huilbui.
Afbeelding: Daniëlle Spoelstra




Geef een reactie