‘Ik denk dat het beter is als toch een gynaecoloog even meekijkt.’ Dat is een zin die je als aanstaande moeder niet wil horen uit de mond van je verloskundige. Maar ik hoorde ‘m wel. En dat allemaal vanwege een regelmatige onregelmatige hartslag van ‘t kind in mijn buik. En mijn eigen hart? Dat zat even in mijn keel.
Het had eigenlijk gewoon een normale controle moeten zijn. De verloskundige vraagt hoe ‘t gaat, jij zegt goed en roept wat over zwangerschapskwalen, je bloeddruk wordt opgenomen en er wordt geluisterd naar je buik en de hartslag van je kind.
‘Een regelmatige irregulariteit’
Maar dat laatste verliep niet al te vlotjes. De verloskundige had eerst al moeite om de hartslag te pakken te krijgen. Mijn dochter-in-wording had er blijkbaar geen zin in en dook telkens weg. Oké, kan gebeuren.
Maar toen de verloskundige eindelijk de hartslag te pakken had, klonk het niet zo als normaal. Er zat – wat ze zo mooi noemen – een ‘hupje’ in. En je wil geen hupje, je wil een normale, duidelijke en vooral regelmatige hartslag. Nou was die hartslag ook regelmatig. Maar dan met een hupje erin. ‘Een regelmatige irregulariteit’ schijnen ze dat te noemen.
Volgens mijn verloskundige kwam dat veel vaker voor. ‘Vooral rond de 25 weken zwangerschap waarin de geleiding naar het hartje toe nog ‘onrijp’ kan zijn. Dat komt veel vaker voor’, legde de verloskundige uit.’Maar ik denk dat het beter is als toch een gynaecoloog even meekijkt’, voegde ze er meteen aan toe.
Oh jee, naar de gynaecoloog
Ik schrok. Mijn hart zat even in mijn keel. Want ik weet niet hoe het met jullie is, maar als je doorverwezen wordt naar de gynaecoloog is er meestal wat aan de hand. Dat wil je niet als zwangere. Daar heb je gewoon geen zin in. Punt. Aan de andere kant: áls er echt wat aan de hand is, dan wil je juist dat een gynaecoloog er naar kijkt. Al is het alleen maar vanwege de kennis, ervaring en de betere apparatuur.
En dus was de dienstdoende gynaecoloog zo gebeld door de verloskundige. En nee, ik hoefde niet meteen door naar het ziekenhuis. Dat was vooral omdat ‘t kind goed groeide en prima bewoog. De volgende dag kon ik er ook terecht. En hoe lief ze het ook bedoelden: nadat ik die verwijzing in mijn handen kreeg gedrukt, kreeg ik van die lieve kneepjes in mijn arm van de verloskundige en de assistente.
Oh dear. ‘Mensen vinden ‘t erg voor mij’, dacht ik nog. ‘Dit is niet goed.’
Komt vaker voor
En hoewel ze ‘t altijd afraden, ging ik eenmaal thuis toch zoeken op ‘t wereldwijde web. En nee, er was niet bijzonder veel info te vinden. Behalve dat het inderdaad vaak voorkwam en dat ‘t in heel veel gevallen absoluut niet ernstig was. Ah.
Maar héél rustig sliep ik die nacht niet.
Een regelmatige hartslag
Ik was dan ook blij toen ik en mijn vriend aan het begin van de middag terecht konden bij de gynaecoloog. Rustig hoorde ze het verhaal aan en zette mij daarna op de beruchte behandelstoel die veel weg had van een martelwerktuig. ‘We gaan gewoon eerst eens kijken.’
En wat bleek? De hartslag was regelmatig. Geen hupje, geen rare dingen, gewoon een hartslag zoals ‘t hoorde. Een dag kan blijkbaar echt het verschil maken.
Uitleg
De uitleg van de gyneacoloog was kort, bondig en helder. Ja, het kwam bij heel veel baby’s (en zelfs volwassenen) wel eens voor. En nee, dat was niet ernstig. ‘Heel vaak ondervangen we het niet’, legde ze uit. ‘Maar nu net bij de controle – en die kans is klein – hoorde je het.’ Een dag later kan het namelijk alweer weg zijn.
Volgens de uitleg van de gynaecoloog was het wel ernstig wanneer er langere tijd aan een stuk door een onregelmatige hartslag ( pin mij niet vast op hoeveel slagen – dat ben ik vergeten) te horen was. Dat zou weer problemen op kunnen leveren voor ‘t hart en de organen van de baby. Maar dat kwam dus – relatief gezien – heel weinig voor.
Oké.
Pak van ons hart
Daarna wenste de gynaecoloog mij nog een fijne zwangerschap en mochten we weer vertrekken. ‘Nou, dat is goed nieuws’, zei mijn vriend die er ook opgelucht uitzag. Het was letterlijk een pak van ons hart.
De volgende keer kan ik gewoon weer naar de verloskundige. En hoe aardig ik die gynaecoloog ook vind, ik hoop haar de rest van de zwangerschap niet meer te zien. Dat betekent niet alleen goed nieuws voor mijn kind, maar ook voor mijn eigen hart.
Afbeelding: Daniëlle Spoelstra




Geef een reactie