‘Mama, wanneer gaan we weer naar het vakantiehuis?’ vroeg mijn dochter vanmiddag aan mij. Onlangs waren we namelijk op vakantie op Mallorca. In een vakantiehuis, maar dat had je al begrepen. Met de grootouders, een zwembad en vlakbij het strand. Mijn peuter vond ‘t geweldig.
Mind you, dit was al haar derde keer op Mallorca, maar van de eerste twee keer had ze al niet zoveel meegekregen. Logisch. De eerste keer was ze nog maar negen maanden en de tweede keer was ze dik anderhalf. Bepaald geen leeftijden waarop je veel vakantieherinneringen onthoudt.
Maar nu is ze drie. En is ze zich opeens bewust van de wereld om d’r heen. Ze realiseerde zich dat we in het vliegtuig ergens naar toe gingen om vakantie te vieren. Ze vond ‘t reuze spannend en vroeg me de week voor de vakantie wel zeker honderd keer ‘wanneer we nu met het vliegtuig gingen.’
Enthousiast huppelde mijn dochter dan ook op de dag van vertrek aan de hand van haar oma op het vliegveld van Rotterdam naar de gate. ‘DAT IS HET VLIEGTUIG!’ riep ze ze. Om vervolgens honderd keer te herhalen ‘dat ze er klaar voor was.’
Overigens tot groot plezier van de medepassagiers. De vrouw naast mij gierde van het lachen.
En het moet gezegd: mijn dochter vond het vliegen ‘superleuk.’ Vooral omdat ze een lolly kreeg, naast haar oma zat en een plekje had naast het raam. Toen ze ook nog een tekening en kleurtjes kreeg van de steward, kon ze haar geluk niet op. En nadat er ook nog een flesje appelsap en cheese dippers ( ja, ze bestaan) op een dienblaadje kwam, glunderde ze ervan. ‘Dit is een geboren jetsetter’, grapte mijn moeder niet voor niets.
Overigens gedroeg mijn baby zich ook voorbeeldig. Er werd niet gehuild, wel geslapen en prima gegeten. Ik kon mijn geluk niet op. Want iedere ouder met kinderen die gaat vliegen is van tevoren toch wat zenuwachtig. Maar ik kon opgelucht ademhalen.
Het. Ging. Goed.
Het ging trouwens ook goed in dat vakantiehuis dat mijn moeder gehuurd had. Stel je een villa, omgeven door amandelbomen en een zwembad, voor. Denk de veranda, zon en 25 graden er maar even bij. En nog leuker? Binnen vijf minuten waren we met de auto bij een fijne kustplaats.
Dat vond mijn peuter trouwens heel fijn. Da’s namelijk een waterrat. Met een beetje hulp van haar swimtrainer, dat dan weer wel. Maar goed, zij vond het heerlijk om met haar vader ( die overigens ook teveel energie heeft) te zwemmen in de zee. Ik overdrijf niet als ik zeg dat ze het rustig anderhalf uur met z’n tweeën in die zee uithielden.
Ik had de baby als excuus. ‘Nee joh, ik ga wel even met Nikki in de schaduw zitten,’ riep ik dan. ‘Je bedoelt zeker wijn drinken op het terras hier tegenover’, grapte mijn vriend die mij net iets te goed kent. Overigens zat mijn vader (‘dat strand doe ik alleen maar voor je moeder’) er naast. Mijn moeder ook. Zo leuk was het terras. Ik bedoel maar.
Dat strand op Mallorca met z’n allen was dan ook geen groot succes vorig jaar
Maar mijn peuter had de grootste lol. Niet alleen op het strand trouwens. Ook in het zwembad kon ze zich vermaken. Dankzij een goed zwemvestje ( dank je wel Hema) en een paar traptreden in het zwembad, kon mijn peutertje lekker spelen in het water. Helemaal toen mijn ouders op het geniale idee kwamen om een emmertje ( Het thema? Frozen. Net ontdekt door mijn dochter) met allerlei attributen te kopen.
En zo vloog de week voorbij. ‘Time flies when you’re having fun’, zeggen de Angelsaksen niet voor niets. Een week later moesten we alweer afscheid nemen. Dat deed mijn peuter vol overgave. Van álles nam ze afscheid. Dag strand, dag zee, dag vakantiehuis, dag stoel, dag boom, dag terras .. Nou ja, het is wel duidelijk.
Al vond mijn peuter het ook wel weer leuk om naar huis te gaan. Daar was per slot van rekening haar loopfiets en Mike de Ridder kasteel. Ook leuk. Al dacht ze er vanmiddag toch even aan. ‘Mama, wanneer gaan we weer naar het vakantiehuis’, vroeg ze nog. ‘Volgend jaar’, zei ik. Daar was trouwens geen woord van gelogen. Dat gaan we namelijk ook.
Alleen was de volgende vraag iets minder. ‘Mama, mag ik in het vliegtuig?’ Oh jee. Ik denk dat ik die vraag weer héél vaak ga horen. Tot de volgende vakantie, vrees ik.





Geef een reactie