Vorig jaar kreeg mijn kleuter tijdens het paaseieren beschilderen een heuse woede-aanval. ‘Dit doen we niet weer’, dacht ik nog. Maar ach, ik heb ‘t talent dat ik snel vergeet wat voor mislukking iets ook alweer was, dus dit jaar gingen we in de herhaling. En het lijkt beter te gaan.
Want ja, het is een traditie aan het worden sinds mijn schoonmoeder van die verfsetjes meenam. ‘Kunnen ze leuk die eieren schilderen’, ze ze. Nou, dat klopte. Dat hebben we toen ook gedaan.
Maar wat ik nog wel weet is dat die verfsetjes – te koop bij de Action – enorme pleurisdingen zijn. Die dingen waar je dat ei tussen moet klemmen blijven nooit vast zitten en vervolgens raak ik die kleine onderdelen ook nog kwijt. Helemaal irritant omdat mijn katten ze dan gebruiken om te spelen. Bij voorkeur in een donker, duister hoekje waar je ze nooit meer terugvindt.
Tenzij mijn peuter ze op één of andere onverklaarbare wijze ze in de zomer weer vindt en ze die krengen in de neus of mond stopt. Maar dat is weer een andere blog.
Goed, ik doe die eieren tegenwoordig gewoon in een eierdoosje of in een eierdop. Een stuk minder gedoe en als zo’n ei weer droog is na het schilderen draai je ‘m om en schilder je de rest. Makkelijk. Net als de verf in zo’n verfsetje die dan wel weer handig is.

Maar dan krijg je natuurlijk het andere gedoe: de beker met daarin water en de kwasten. Want mijn dochters slagen er al jaren in om dat ding om te gooien. Niet één keer, maar zeker – en nu ben ik nog optimistisch – drie tot vijf keer op een dag. Gewoon, omdat het kan. ‘Het was zo’n mooi roze water’, zei laatst mijn kleuter nog. ‘Ik vond het zo mooi staan op de placemat.’
Oh.
‘Maar waarom zeg je dan dat het lijkt alsof het nu beter gaat?’ zullen ongetwijfeld nu een paar mensen denken. Goede vraag. Ehm, ten eerste hebben we nog geen woede-aanvallen gehad tijdens het schilderen. Een énorm pluspunt. Twee, ik hoefde niet mee te doen met schilderen ‘want we kunnen het allemaal zelf.’ Top. En drie, er worden daadwerkelijk eieren beschilderd. Bij gebrek aan eieren, verft mijn dochter gewoon paaseieren op papier.
En het ziet er ook nog als – welja – een paasei. Prachtig. Niets meer aan doen.
Je kunt dus rustig concluderen dat er – afgezien van het waterfestijn – progressie in zit. En we hebben nog even tot Pasen, dus er kan nog veel geoefend worden. Vooral op die beker water.




Geef een reactie