Vannacht – ergens rond de klok van vier – vond ik mezelf terug op Twitter. ‘Hé, ben jij wakker?’ vroeg een aantal mensen ( die of net klaar waren met werken of net begonnen) verbaasd. Ja, ik was hartstikke wakker. Met dank aan mijn longen die mij belemmerden om eens lekker te gaan slapen. En het ergste? Ik dacht dat er niets tegen te doen was.
En daar zat ik dus hartstikke fout. Maar goed, even terug naar het begin.
De eerste griep …
Eind vorige maand kwam d’r een verschrikkelijke verkoudheid plus griep opzetten. Koorts, duizelig, dat werk. ‘ Mijn dochter en ik waren gevloerd. Als het nu maar niet op mijn longen slaat’, zei ik nog bezorgd tegen mijn vriend. Afgelopen maart had ik namelijk een – kuch – gezellige antibioticakuur gekregen tegen een longontsteking.
Niet iets waar je vrolijk van wordt.
Vooral omdat ik nu niet weer aan die antibiotica wilde. Maar ja, wat mag je wel als je kortademig en zwanger bent? Nou, die lijst voor zwangere vrouwen is kort. Dat is paracetamol, maar het liefst niet teveel en te lang. Oh. Wonderbaarlijk genoeg had ik uiteindelijk voor die griep maar twee paracetamol nodig.
Niets aan de hand.
Buikgriep & co
Totdat ik een week later een buikgriep – net als mijn dochter – erover heen kreeg. Niet problematisch voor mijn longen, wel voor mijn weerstand. Want ja hoor, een paar dagen later kregen ik en – je raadt het al – mijn dochter nadat die buikgriep onder controle was, weer last van een verkoudheid die dit keer gemener en nog hardnekkiger was.
Bergafwaarts met die longen
Maar waar – gelukkig, het kind had wel genoeg voor d’r kiezen gehad – dochterlief langzaam opknapte, ging het bergafwaarts met de conditie van mijn longen. Afgelopen nachten sliep ik rond de drie, vier uur. Ik hoestte iedereen – inclusief dochterlief en mijn vriend – wakker. En nee, daardoor viel ik niet meer in slaap. En die paracetamol? Die krengen hielpen geen moer meer.
Welke medicijnen mag je dan wel?
Maar ik wist niet wat ik dan wel mocht. Zelfs ik weet dat het niet handig is om als zwangere te gaan experimenteren met medicijnen. Dat is gewoon een bijzonder slecht en ook nog eens gevaarlijk idee. Mijn vriend had er genoeg van. ‘Het eerste dat jij morgen gaat doen is die huisarts bellen. Er moet toch wel iets zijn?’
‘Bronchitisachtige verschijnselen’
En dus belde ik vanochtend meteen die huisarts en kon ik diezelfde ochtend nog terecht. ‘Ik weet niet of ik iets voor je kan doen’, zei de huisarts nog voor hij mijn longen aan een onderzoekje onderwierp. ‘Ik kan je niet heel veel geven.’ Gelukkig constateerde hij al snel dat er geen ontsteking was, maar ‘dat ik wel last had van bronchitisachtige verschijnselen.’
Ja, vertel mij wat. Mijn halve familie heeft bronchitis. En astma. En COPD. En voor de rest allerlei andere longziekten waar niemand nog nooit van gehoord heeft.
Hoera, een inhaler
Gelukkig sprak mijn huisarts daarna de verlossende woorden. ‘Maar ik kan je wel een inhaler geven die je gewoon mag gebruiken tijdens de zwangerschap.’ Ventolin heette ‘t. En holy moly, ik vind dat Ventolin nu al een wereld-uitvinding. Een pufje en ik had alweer lucht.
Ik piepte gewoon niet meer. Opeens zag de wereld er een stuk leuker uit. En heb ik opeens vreselijk zin om te slapen. Net als mijn dochter die net een beetje opknapt. Wij zijn namelijk een beetje klaar met die virussen. Het is genoeg geweest. Kinderen en zwangere vrouwen en virussen matchen niet lekker. Punt. Goed dat ze Ventolin hebben uitgevonden.
Anders was ik nog steeds piepend aan het tweeten. Een nacht was meer dan genoeg.




Geef een reactie