Aan het begin van de week zag ik het even niet meer zitten met dat kerst. Ik voelde me zwak, ziek en misselijk. ‘Laat die kerst maar zitten’, zei ik nog tegen vriendlief. ‘We kunnen alles wel cancellen.’ Maar niets bleek minder waar. We zijn kerst best gezellig doorgekomen. Naar omstandigheden dan.
Ziek
Want we hebben Kerst wel eens in – ehm – gezondere toestand meegemaakt. Dochterlief was als eerste ziek en hoestte zich door de nacht. Daarna was ik aan de beurt. En mijn humeur werd er al helemaal niet beter op toen ik ook nog getest werd op kinkhoest. Als laatste werd vriendlief ziek. En zo snotterden, sniften en hoesten we ons richting kerst.
Afspraken
Maar ja, we hadden wél afspraken staan. Zo zouden we op kerstavond eten en cadeautjes uitpakken bij mijn ouders en de dag daarop naar de schoonfamilie voor steengrill en kerstcadeaus. ‘We bekijken het gewoon van dag tot dag’, spraken mijn vriend en ik af.
Maar op kerstavond bleek mijn dochter al grotendeels hersteld van de griep. De hoest bleef weg en de eeuwige snottebel was ook even absent. Ik had diezelfde dag nog medicijnen opgehaald die razendsnel hielpen en ook vriendlief hield het redelijk op de been.
En dus kon Kerstavond gewoon doorgaan. En nee, we zijn niet zo lang gebleven als anders. Om een uur of half tien was ‘t over en uit. Maar hé, gezellig was het wel. En dat gold ook voor Eerste Kerstdag. ‘We pakken het gewoon weer zo aan’, besloten we. ‘Eerst eten, cadeautjes en dan niet te laat naar huis.’
En dat hebben we gedaan. Met luchtkussen-en-al. Per slot van rekening wil je niet iedereen om je heen besmetten. Héél gezellig is anders, maar dat maken we volgend jaar wel weer goed.
Slapen op Tweede Kerstdag
En Tweede Kerstdag? Die hebben we – heel spannend – ‘s middags slapend doorgebracht. Maar man, wat was dat lekker. Waar ik normaal gesproken – met alle liefde trouwens – de hele middag in de keuken stond om een kerstdiner te maken voor zes personen, was ik nu ergens in dromenland.
‘s Avonds hoefde ik alleen maar een kip in de oven te schuiven. Meer hoefde ik niet te doen. Ja, daarna dwong vriendlief mij nog om een spelletje Scrabble te spelen. ‘Want dat hoort bij kerst.’ Juist ja. Dat moet je vooral tegen een spelletjeshater zoals ondergetekende zeggen. Maar de kerstman kon trots op mij zijn: ik heb gewoon meegedaan.
Hoest weg?
En blijkbaar was dat goed voor mijn karma, want met die verkoudheid gaat ‘t nu veel beter. Mijn dochter huppelt weer vrolijk rond, ik krijg weer steeds meer lucht en ook mijn vriend ziet er niet meer uit als een ijskoude sneeuwpop. Een voordeel: waarschijnlijk heeft die kinkhoest ons overgeslagen. Dan hadden we – en dat kan ik je verzekeren – last gehad van een héle andere hoest.
Zo werd deze kerst best wel te doen. Oké, ideaal was ‘t niet. En het kerstgevoel is wel eens wat meer aanwezig geweest, maar het kon erger. Veel erger. En die hoest? Die is weg. Heb ik toch nog mijn grootste kerstcadeau gekregen …




Geef een reactie