‘Het ging vanochtend al veel beter!’ riepen de medewerksters van het kinderverblijf vanmiddag toen ik mijn dochter ophaalde. Ik moet bekennen: ik was opgelucht. Want ja, na een vliegende start ging het tussen mijn dochter en het kinderdagverblijf even niet zo lekker.
Het begon zo goed …
Het begon zo goed in september. Mijn dochter vond ‘t kinderdagverblijf meteen leuk. Spelen met andere kinderen, nieuw speelgoed, buiten spelen in de tuin en knutselen met de medewerksters? Mijn dochter was één en al enthousiasme.
Hommeles
Tot ze ‘t ene na de andere virus ( net als ondergetekende ) oppakte en veel ziek werd. Zelfs een keer zo ziek dat ik haar na een belletje van het kinderdagverblijf ophaalde. Nadat ze een dikke week door de griep was geveld, ging ze weer.
En toen was ‘t hommeles.
Mijn vriend – die haar ‘s ochtends brengt – vertelde dat hij haar telkens huilend achterlief. ‘Of met tranen in de ogen’, zei hij nog. ‘Ook niet leuk.’ Vervolgens vertelden de medewerksters later dat het verschonen bij mijn dochter een drama was, ze slecht wilde luisteren en zich niet echt aanpaste.
Niet gezellig. Niet voor mijn dochter, niet voor de medewerksters en niet voor ons.
Na de kerstvakantie werd ‘t niet veel beter
Maar toen kwam de kerstvakantie. ‘Eens even kijken hoe het gaat na die vakantie’, concludeerde mijn vriend al. Nou, die eerste week na de kerstvakantie was geen succes. Het was thuis al een veldslag. ‘THUIS BLIJVEN! BIJ MAMA!’ riep mijn dochter terwijl ze weigerde haar ontbijt op te eten.
Je begrijpt: daar werd ik helemaal niet gelukkig van. Een steen in mijn maag kreeg ik d’r van. Vooral toen mijn vriend haar weer huilend achterliet op het kinderdagverblijf en de medewerksters bij de overdracht ook niet heel enthousiast waren. ‘Misschien komt het door de vakantie ertussen, dan moeten wel meer kinderen wennen’, riepen ze nog.
Grote kans.
Redenen?
Maar intussen werd ik er niet blijer van. En ik weet niet hoe het met jou is, maar intussen was ik mij aan het bedenken wat de reden kon zijn voor mijn dochter’s gedrag. Zou het die vakantie zijn? Of was toch mijn naderende bevalling waarom ze van de leg was? Of misschien was er iets gebeurd op het kinderdagverblijf dat niet goed was bevallen?
Gelukkig was vriendlief zo verstandig om een bevriende kinderopvangmedewerker te vragen of dit vaker bij kinderen op de crèche voorkwam. Ja dus. En veel ook. Ook vriendinnen vertelden dat het soms met hun kinderen soms even niet zo lekker ging op het kinderdagverblijf. Dat varieerde van ‘er waren geen vaste gezichten meer, maar teveel invalkrachten’ en ‘verlatingsangst’ tot ‘heel verlegen.’
En wat bleek? Na een tijdje – al dan niet dankzij een paar verbeteringen – ging het weer een stuk beter. Dus besloten vriendlief en ik dat we het nog even aan zouden kijken, maar intussen wel vinger aan de pols zouden houden.
En opeens ging het beter
Maar wat schetste onze verbazing? Vanaf deze week gaat het weer veel beter. Mijn dochter heb ik nog niet een keer ‘thuis blijven bij mama’ horen zeggen, de tranen blijven ‘s ochtends achterwege en ook de medewerksters zijn weer veel blijer met de gang van zaken.
Waar het aan ligt? Geen idee. Misschien omdat ze vroeger naar bed gaat en minder moe is? Misschien omdat ze minder ziek is? Misschien omdat we ‘s ochtends geen strijd meer maken van het ontbijt en ze gewoon haar broodje eet op het kinderdagverblijf? Misschien omdat ik haar iedere keer haarfijn uitleg wanneer ik haar weer ophaal? Misschien omdat de medewerksters van de kinderopvang haar wat extra aandacht geven? Of misschien zit ze gewoon zelf lekkerder in haar vel. Kan ook.
Ik hoop dat het zo blijft. Want een ongelukkig kind? Nee, da’s niets. Daar wordt helemaal niemand blij van. Vooral niet op een kinderdagverblijf.
Maar nu ben ik benieuwd: hebben jullie kinderen het kinderdagverblijf ook wel eens niet zo leuk gevonden of ging het altijd goed?
Afbeelding: Dreamstime – Maksim Toome




Geef een reactie