De laatste keer dat ik een stukje worst kreeg bij de slager of de supermarkt moet ik een jaar of vier zijn geweest, terwijl kinderen die veel ouder waren, toch nog een stukje kregen. De reden? Ik was te groot voor mijn leeftijd en zag er veel ouder uit. En nu overkomt mijn dochter more or less ‘t zelfde.
Want mijn dochter mag dan nog maar amper tweeënhalf jaar zijn, ze kan makkelijk voor een stoere driejarige doorgaan. Ze is lang ( logisch, dat zijn ik en mijn vriend ook), met haar motoriek is niets mis en ze doet zich af en toe nogal stoer voor.
Mentaal twee
Maar ze is en blijft mentaal twee. En dat houdt in dat ze zich ook zo ontwikkelt. Nee, ze kan nog niet zelf naar de wc, luisteren is soms een groot probleem en leren praten? Nou, laten we het erop houden dat dit nog volop in ontwikkeling is.
Maar helaas, dat kan de buitenwereld niet ruiken. Gelukkig zag een aantal medewerksters op het kinderdagverblijf dat wel. Zij werden aangesproken door invalkrachten of ouders ( de bemoeials) met vragen ‘waarom dat kind dit en dit nog niet kon.’ En met ‘het kind’ werd mijn dochter bedoeld. ‘En dan zeg ik altijd tegen die mensen: ja maar, ze is gewoon hartstikke lang voor d’r leeftijd, maar ze is nog maar twee. Hou daar rekening mee’, zei één van de medewerksters.
Waarvoor hulde.
‘ZE IS TWEE!’
Maar ook op straat of op andere plekken word ik soms aangesproken of – aangekeken met opgetrokken wenkbrauwen, dat zijn de ergste ouders – met de vraag ‘waarom ze dat nog niet kon.’ ‘ZE IS TWEE!’ snauwde ik onlangs terug. De vrouw kreeg een hoogrode kleur en vertrok snel. Heel verstandig. Ik kan best wat hebben, ook wat betreft mijn kind, maar domme vragen verdienen domme antwoorden.
En misschien kwam het ook omdat ik mijzelf herken in mijn dochter. Omdat je langer bent en omdat je er ouder uitziet, verwachten andere mensen meer dingen van je als kind. Verwachtingen die je vaak niet kunt waarmaken. En wie krijgt daarvan de schuld? Het kind, niet de – en zo noem ik ze voor het gemak maar even – onwetende volwassenen.
Voor- en nadelen
Overigens heb ik er bepaald geen trauma van opgelopen ( zo lekker vind ik worst ook alweer niet – thank you very much). Lang zijn en er ouder uitzien heeft ook zo z’n voordelen. Zo kon ik vroeger makkelijk mee naar evenementen of andere dingen waar kleinere kinderen niet in konden en huppelde ik al vanaf mijn puberleeftijd feesten binnen waar je zeker achttien voor moest zijn.
Maar dat was pas later. En al die jaren heb ik ook die vraag ‘kan ze dat nog niet?’ aan moeten horen. En mijn moeder vond het ook niet leuk. Vooral omdat blijkt dat mensen anno 2015 nog precies dezelfde opmerkingen maken. Gelukkig vond mijn vriend voor dat-stukje-worst-probleem een uitstekende oplossing. ‘Ik vraag gewoon zelf om een stukje worst voor haar. Alles opgelost.’ Gelukkig herhaalt de geschiedenis zich niet altijd op precies dezelfde manier.
Afbeelding: Keepcalm




Geef een reactie