Gisteren heb ik mijn peuter ingeschreven voor de lagere school. Het is een cliché, maar het is echt zo: kleine meisjes worden groot. Het gaat stiekem veel te snel. Al heb ik wel een goed gevoel over de lagere school. En mijn peuter ook. Dat is misschien nog wel het belangrijkste.
Want inderdaad, eind vorig jaar schreef ik al een blog over het kiezen van een goede lagere school. In de wijk hier konden we kiezen tussen een openbare en een christelijke school. Dat is het voordeel van wonen in de provincie. Hier zijn geen wachtlijsten, je hoeft ze niet op hun eerste al in te schrijven en je kunt in alle rust kiezen.
Daarom had ik in december zowel bij de openbare als de christelijke school een rondleiding geregeld. Dat was geen enkel probleem. En nog beter: bij beide scholen mocht mijn peuter gewoon mee. Hartstikke handig. Kun je meteen zien of de peuter het een beetje naar d’r zin heeft op zo’n school.
Maar één dingetje? Mijn peuter wilde niet naar de openbare school. Pertinent niet. Ze wilde naar de christelijke school. ‘Ik wil naar De Vuurvlinder!’ riep ze. En dat niet één keer, maar een stuk of tien keer. Al snel kwam de aap uit de mouw. De kinderen met wie ze het goed kon vinden op de peuterschool gingen naar de christelijke school. De kinderen waar ze minder mee kon opschieten, gingen naar de openbare school.
Lieve mensen, ze is drie. En toch spelen dit soort dingen al.
En dus zijn we eerst naar de christelijke school gegaan. De directeur gaf zelf de rondleiding, de onderwijsmethode werd goed uitgelegd en we mochten overal kijken. En praten, dat ook. De leerkrachten waren toegankelijk, de lokalen zagen d’r gezellig uit en toen we weggingen moesten we ons een weg banen langs de houten spoorlijnen en het zand van de zandtafels.
Een heel goed teken. Er werd veel gespeeld daar, dat was wel duidelijk. Precies mijn idee van een kleuterschool. Mijn peuter vond dat ook. Zij was het liefst bij die zandtafel gebleven.
Met als gevolg dat we niet eens naar de openbare school zijn gegaan. Ik heb afgebeld. En misschien had mijn peuter het daar ook wel naar haar zin gehad, dat kan. Maar toch wil ze hier naar toe. Mijn vriend en ik vinden het prima. ‘Wel een goede school toch?’ concludeerde mijn vriend na afloop. Daar was ik het mee eens.
En dat de school een christelijke achtergrond heeft is geen enkel probleem. Heb ik zelf ook. Niets mis mee. Ik zing straks de liedjes vrolijk mee en lees mee met de verhalen. Maar het belangrijkste? Mijn dochter heeft zin in de basisschool. ‘Na de zomer mag ik!’ riep ze gisteren al snel enthousiast. Dan is mijn peuter een officiële kleuter. Daar moet ik dan wel weer een beetje aan wennen.




Geef een reactie