Onlangs schreef ik dat mijn jongste dochter binnenkort voor het eerst mocht proefdraaien op de basisschool. Vanochtend was ‘t al zover. Ze had het leuk. Zo leuk dat ze na afloop heel hard ‘IK WIL NIET MEE!’ gilde.
Spannend
Al vond mijn jongste dochter het thuis nog wel een beetje spannend. ‘Mijn buik doet zeer’, zei ze een beetje bleekjes. Maar nadat ze toch wat ontbeten had, knapte ze alweer wat op.
Brengen met grote zus
De gedachte dat haar grote zus ook mee ging – mijn oudste dochter zit een etage hoger – was voor behoorlijk gerust geruststellend. ‘Grote zus weet hoe het moet.’
Een kwartiertje later arriveerden we bij het lokaal van mijn jongste dochter. We gingen op zoek naar een specifiek pictogram met een schildpad op de kapstok waar de jas op kon hangen. Mijn oudste dochter had ‘m al snel gevonden.
Alleen al daarom is het meebrengen van een ouder kind handig.
Daarna stelde de juf zich voor en huppelde mijn jongste dochter het lokaal in.
‘Ga maar hoor!’
De juf liet hier zien waar ze haar gymschoenen kon neerzetten en waar haar stoeltje stond. Vervolgens dook ze meteen de poppenhoek in. Ze had zelfs geen zin meer om afscheid te nemen van haar grote zus. Al liet mijn oudste dochter dat niet gebeuren. ‘Een dikke knuffel Nicole, kom eens hier.’
Nadat mijn oudste dochter naar boven was vertrokken, stond ik daar maar wat te staan. Dat had mijn jongste ook door. ‘Ga maar hoor’ (net als mijn oudste dochter ook ooit deed).
En dus vertrok ik met een brok in mijn keel. Dit was de mijlpaal. Het liefst had ik haar meegenomen om samen croissantjes te eten thuis, maar het zag er niet naar uit dat mijn jongste daar zin in had.
‘IK WIL NIET MEE!’
Maar intussen was ik wel benieuwd hoe het die ochtend ging. Gelukkig liep ze een paar uur later enthousiast naar mij toe. Tot ze doorhad dat ik haar weer mee zou nemen. Woedend was ze. Dit was oneerlijk. ‘IK WIL NIET MEE!’ gilde ze.
Nadat ik even met de juf had gesproken (‘ik heb uitgelegd dat iedereen zich aan de klas aan afspraken houdt, daar was ze het – gezien de donkere blik – niet helemaal mee eens’) lukte het mij om de jongste naar de uitgang te dirigeren.
De tranen biggelden over haar wangen. Ook mijn opmerking dat ze vrijdagochtend weer naar de basisschool mocht, hielp niet.
Het was duidelijk: ze had het naar haar zin gehad. Dat dan weer wel.
Gelukkig gaat ze vrijdag tegelijkertijd met de andere kinderen naar huis. Dan heb ik dát drama tenminste niet. Maar ach, ze vindt het wel leuk. Dat is ook wat waard. Misschien breng ik haar de volgende keer wel weg zonder brok in de keel.




Geef een reactie