Al jaren heeft mijn oudste dochter ‘t over voetbal. Ze dribbelt al vanaf haar tweede met een voetbal in de tuin, zag ademloos de wedstrijden van het Nederlandse vrouwenelftal en vertelde over klasgenoten ‘die al mochten voetballen.’ En nu is het zover: ook mijn dochter wordt een voetbalmeissie.
Eerst zwemles
Want ja, de oudste moest eerst haar zwemdiploma’s halen. En nadat de ze de laatste maanden telkens om half acht ‘s ochtends op zaterdag in het zwembad lag, was ik even klaar met ‘t concept sport. Helemaal omdat de zelfverdediginslessen op de sportschool niet meer beschikbaar waren.
Fijn in ieder geval dat ze diploma C had. En nu even rust.
Die rust duurde niet lang.
Paardrijles
Want ook paardrijles leek haar sinds deze zomer hartstikke gezellig. Leek haar enig, maar nee – ik had nog niets geregeld. Dat kwam ook door een paar drukke verjaardagsweekenden en ander gedoe.
En toen vertelde een andere moeder ook nog eens dat ‘t op de manege de bedoeling was dat je als ouder zelf het paard moest – of hoe je dat ook maar doet – zadelen en ‘t bit in moest doen. Wanneer je dat niet wilde of kon, moest je dat weer apart regelen.
Wel te doen, maar mijn enthousiasme was nu helemaal tanende. Vooral omdat de manege aan de andere kant van de stad zat.
‘Wil Liv niet mee naar voetbaltraining?’
Tot een andere moeder van een vriendinnetje vertelde dat haar dochter nu op voetbal zat. ‘Leuk joh. Ze vindt het super. En er zitten allemaal klasgenoten op. Ze kennen elkaar bijna allemaal.’
Dat klonk goed. Nog beter? De voetbalvereniging zit in het begin van de wijk. Lees: het is maar tien minuten fietsen. ‘Wat tof’, riep ik nog. ‘Liv heeft het ook al tijden over voetbal.’ En aangezien mijn oudste dochter toch bij hen ging spelen, stelde de moeder voor dat ze Liv wel mee wilde nemen naar de training. ‘Kan ze meteen even kijken wat ze ervan vindt.’
Dat wilde mijn oudste dochter wel. Ze was zelfs héél erg enthousiast.
Voetbalmeissie
Na de training haalde ik haar weer op. Overigens best bijzonder, want ik kwam vroeger – zelfs niet in mijn jeugd – nóóit op voetbalvelden. Ik vond voetballen geen klap aan. Nu ben ik sowieso nooit een sportief iemand geweest, dus dat zal vast niemand verbazen.
Maar mijn dochter – die van haar vriendinnetje een voetbalbroek en kniekousen had geleend – stond daar lekker op het veld te voetballen. Aan haar houding zag ik al dat ze het heerlijk vond. Lekker achter zo’n bal aan hollen, heerlijk man. Het leek echt zo’n voetbalmeissie.
Dat heeft ze overigens van mijn voetbalminnende vriend, maar dat terzijde.
En het eerste wat ze zei – of bijna schreeuwde – toen ze mij zag? ‘IK VIND VOETBAL SUPERLEUK!EN IK WIL ZATERDAG WEDSTRIJDJES DOEN.’ Om er daarna aan toe te voegen dat ik haar meteen wel mocht inschrijven.
Je begrijpt: het enthousiasme is daar.
Inschrijven
Ik ga haar maar inschrijven. Al ben ik benieuwd hoe ze de rest van het seizoen vindt. Want ja, er wordt ook gevoetbald met slecht weer. Al verzekerde ze mij dat ze daar niet voor terug deinsde. ‘Ik kan best tegen een beetje regen.’
Dat hoop ik dan maar. Want ik sta straks natuurlijk ook aan de kant te kleumen en sportshirts te wassen. Om maar wat te noemen.
Maar hé, we gaan het meemaken. Dit seizoen wordt het voetbal. Doen we die paardrijlessen wel ergens in … Nou ja, dat zien we dan wel weer.
Afbeelding: ID 1446460© Cathysbelleimage| Dreamstime.com




Geef een reactie